Costa Rica, een democratie zonder leger (afgeschaft in 1948), is behalve een vreedzaam land ook een natuurlijk paradijs. Het gebergte van Talamanca, dat dwars door het kleine land loopt verdeelt het Costa Rica, dat qua oppervlakte ongeveer een kwart groter is dan Nederland, van noord tot zuid. We vinden er een reeks vulkanen in de noordelijke helft tot aan de oostelijke Caribische kust, we vinden er laaglandregenwouden – de Nationale Parken van Caño Negro, Tortuguero en Cahuita -, we hebben de Pacifische kust, waarvan het noordelijke deel een droog tropisch klimaat heeft (Nationaal Park Santa Rosa), en het zuidelijke deel een tropisch regenwoud herbergt (de Nationale Parken van Manuel Antonio en Corcovado). In het noordelijke deel tussen de vulkanen bevinden zich de beroemde nevelwouden – de reservaten van Santa Elene en Monteverde -, terwijl we zuidelijker de hoge bergwouden vinden – Nationaal Park Chirripó, en het reservaat in San Gerardo de Dota. Na dit gelezen te hebben, zal het niemand verbazen dat Costa Rica een van ´s werelds rijkste gebieden aan biologische verscheidenheid is. De ´ticos´, zoals de Costarrikanen worden genoemd, zijn zich daar dan ook degelijk van bewust. Meer dan 20% van het totale Costarrikaanse grondgebied (52.000 km2) is Nationaal Park, en daarbij is nog eens 7% beschermd gebied verklaard. Als we daarbij het zeer stabiele politieke klimaat voegen, dat het land door zijn geschiedenis heeft gekenmerkt, vormt zich het beeld van een ideale bestemming voor eenieder die zich in de natuur en al haar uitingen interesseert: de grootste variëteit aan bomen op het Amerikaanse continent, een paradijs voor vogelliefhebbers, gemakkelijk bereikbare parken en reservaten, en een uitermate vriendelijke bevolking.
Costa Rica biedt echter niet alleen zijn beroemde wouden. Zoals gezegd is het noordelijke deel zeer vulkanisch, waarbij de vulkaan Arenal – met voordurende indrukwekkende erupties – het imposantst is. ´s Nachts kun je zien hoe de gloeiende lava van de koon naar beneden loopt, een overgetelijk schouwspel. Maar ook de minder aktieve vulkanen, zoals de Irazú, de Poás en Rincón de la Vieja, zijn schitterende plaatsen om te bezoeken. Om aan de rand van een vulkaan direct in de krater te kijken – een maanachtig schouwspel – is iets wat slechts heel weinig landen ter wereld kunnen bieden.
En dan zijn er nog de honderden stranden die je aan beide kusten vindt. Aan de Caribische kant de prachtige palmenstranden van Cahuita en Manzanillo bijvoorbeeld, en aan de noordelijke, droge, Pacifische kusten de stranden van Mal País, Sámara, Tamarindo en Playa Grande. Zuidelijker is er ook nog het beroemde strand van Manuel Antonio, en nog verder naar het zuiden Dominical en Playa Tortuga. Nog zuidelijker maken de stranden plaats voor grote, uitgestrekte mangrove-gebieden die per moterboot bezocht kunnen worden.
Ook de fauna van Costa Rica is indrukwekkend: van krokodillen, kaaimannen en leguanen tot verschillende soorten apen (slingeraap, brulaap, enzovoort), luiaards en jaguars. Onder de vogels vinden we de grootste reigers en de kleinste kolibri, en natuurlijk de wereldberoemde Resplendent Quetzal vogel. Ook op visgebied valt er veel te bewonderen, ook voor de niet-duikers: dolfijnen, en zelfs walvissen.
Buiten het feit dat Costa Rica bekend is om de Nationale Parken en reservaten, krijgt het land de laatste jaren steeds meer aandacht in verband met het eco-toerisme. Er is dan ook een keur aan bijzondere lodges die alle gericht zijn op het beschermen van de natuur, en het betrekken van de plaatselijke bevolking bij het toerisme. We noemen bijvoorbeeld Manzanillo Tent Camp Lodge, Selva Verde Lodge en Rara Avis – prachtige projekten omringd door jungle. Ook aan aktiviteiten als wildwatervaren, paardrijden, kanovaren en ´canopy´-slingeren (het zwaaien van boomtop naar boomtop) ontbreekt het niet. En juist op deze speciale lokaties bevinden zich vele van de stageplaatsen van Ecole Experience.